Nu België koploper is in de recyclage van verpakkingsafval verruimt Fost Plus zijn vizier. Al sinds 1994 zet het de schouders onder de selectieve inzameling, sortering en recyclage van huishoudelijk verpakkingsafval. Dat blijft de missie, maar voortaan zet het ook zeer expliciet in op de strijd tegen zwerfv. Jean Eylenbosch, die voor Coca-Cola European Partners Belgium in de raad van bestuur van Fost Plus, zetelt, legt uit hoe en waarom de vzw dat doet.

Wie een kijkje neemt op de website van Fost Plus kan er moeilijk omheen: een grote banner zet meteen Mooimakers.be in de kijker en sensibiliseert de bezoeker om mee te strijden tegen zwerfvuil. Het is tekenend voor de nieuwe koers van Fost Plus. In 1994 ging de vzw van start om meer dynamiek te brengen in de gescheiden huisvuilophaling. De industrie en de verpakkingsproducenten sloegen de handen in elkaar. Fost Plus kreeg het fiat van de gewesten om contracten af te sluiten met de intercommunales om zo de selectieve ophaling en recyclage van het huishoudelijk verpakkingsafval optimaal te verzekeren.

De burger leert sorteren

Met de oprichting van Fost Plus verschenen al snel de blauwe PMD-zakken in het straatbeeld. De opgehaalde plastic flessen en flacons, metalen verpakkingen en drankkartons kregen een nieuw leven als grondstof. Daarnaast investeerde Fost Plus ook fors in de sensibilisering en in de mentaliteitswijziging bij de burger. De aanpak kende succes en België werd een voorbeeld van wat selectieve inzameling kan betekenen. “Ik vind dat we trots mogen terugblikken op wat Fost Plus in bijna een kwarteeuw heeft verwezenlijkt”, zegt Jean Eylenbosch. De VP European Government Relations van Coca-Cola European Partners Belgium maakt deel uit van de Raad van Bestuur van Fost Plus. “De situatie begin jaren ’90 was echt niet goed, maar intussen is België koploper in het recycleren van verpakkingsafval. Toch is het tijd dat Fost Plus, de industrie en de burgers een nieuw hoofdstuk schrijven. We mogen trots zijn, maar niet stilstaan. Het is tijd om nog eens enthousiast vooruit te blikken, zeker nu technologie en wetenschap ons enorm kunnen helpen.”

Strijd tegen zwerfvuil

Dat het nieuwe hoofdstuk zou focussen op de zwerfvuilproblematiek is geen verrassing. Al in 2006 zette Fost Plus in samenwerking met de Vlaamse overheid en de OVAM (Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij) de eerste grootschalige zwerfvuilcampagne op. In 2009 gingen de eerste projecten rond buitenshuis sorteren van start. Gaandeweg werd zwerfvuil terugdringen een structurele doelstelling voor Fost Plus. De vzw werkt met een jaarbudget van 125 miljoen euro (bron: jaarverslag 2015). De inkomsten komen uit de Groene Punt betalingen van de bedrijven en uit de verkoop van secondair materiaal. “Dat budget investeren we onder andere in communicatie, maar in 2016 legden we bijvoorbeeld ook 16 miljoen euro extra op tafel om Mooimakers.be en BeWapp te ondersteunen. Ons tweede hoofdstuk zet dan ook zwerfvuil centraal. Drankverpakkingen zijn al bij al een kleine fractie van het restafval, maar door de aanwezigheid van logo’s op onze verpakkingen wel een zeer zichtbare fractie.”

Een kwestie van opvoeden

Het meest zichtbare element van die strijd zijn de zwerfvuilacties die ook deze lente overal te lande plaatsvinden. Hierbij steken verschillende verenigingen, gemeenten, scholen, maar ook bedrijven zoals Coca-Cola de handen uit de mouwen door zwerfvuil op te ruimen. Fost Plus steunt ze actief en hoopt – opnieuw - dat ze bijdragen tot een andere mentaliteit. “Zwerfvuil terugdringen is een kwestie van opvoeden”, zegt Jean Eylenbosch. “Ik zal blij zijn als we binnen tien jaar de mentaliteit bij de burgers zouden kunnen wijzigen zodat je geen zwerfvuil meer ziet. Dat gaat over meer dan de vervuiling alleen: netheid is bijvoorbeeld ook een belangrijke parameter voor het terugdringen van het onveiligheidsgevoel. Finaal blijft dit een kwestie van zelfrespect. Een in wezen heel eenvoudige kwestie: afval zomaar ergens weggooien of achterlaten dat doe je gewoon niet. De opruimacties hebben het perverse effecten dat de situatie na twee weken op veel plaatsen opnieuw even erg is. Dat geeft aan dat zwerfvuil terugdringen een maatschappelijke beweging moet worden. Het kan niet de bedoeling zijn dat bijvoorbeeld scholen steeds ons zwerfvuil blijven opruimen. Het begint bij het creëren van het besef.”

“Zwerfvuil terugdringen is een kwestie van opvoeden” - Jean Eylenbosch

Geen statiegeld

Net om die reden is Jean Eylenbosch geen voorstander van een systeem met statiegeld. De burger mag meer zelfrespect en respect voor de omgeving tonen, klinkt het, en liefst zonder betutteling. Maar Jean Eylenbosch ziet ook economische redenen. “Door de hoge belastingvoet via 6% BTW op drankverpakkingen en de opeenstapeling van taksen zoals accijnzen en verpakkingsbijdragen, is het nu al zo dat eenzelfde product hier duurder is dan in de ons omringende landen. Tel daar nog statiegeld bij en dan krijg je een serieuze impact. Je verarmt het land en vermindert de werkgelegenheid. Statiegeld kan je enkel invoeren als het niet discriminerend werkt.”

Lichtere verpakkingen

Bij het debat over het statiegeld rijst haast vanzelf de vraag wat producenten rechtstreeks, via hun verpakkingen, ondernemen. Jean Eylenbosch stelt duidelijke inspanningen vast, bijvoorbeeld rond het lichter maken van verpakkingen. “Toch is ook dat geen eenduidige zaak, want je hebt verschillende soort consumenten”, zegt hij. “Neem nu de vraag of je verpakkingen groter of kleiner moet maken. Grotere verpakkingen hebben een ecologisch voordeel, maar nutritionisten wijzen op het nut van kleinere porties en dus kleinere verpakkingen. Voor beide standpunten bestaan goede argumenten en daarom biedt de industrie een zo breed mogelijke keuze aan de consument.”

Ook selectief buitenshuis

Naast de opruimacties ondersteunt Fost Plus de initiatieven die bijdragen tot het buitenshuis sorteren. Denk maar aan de gescheiden vuilbakken in treinstations of luchthavens. “Geef mensen de pap in de mond en help hen om consequent te zijn”, adviseert Jean Eylenbosch. “Wat ze thuis doen, kunnen ze ook buitenshuis doen. Thuis gooi je ook geen blikje zomaar op de grond. Daar kom je weer bij opvoeden uit: doe elders niet wat je thuis ook niet zou doen.”